Prinsjesdag 2017 overzicht belangrijkste maatregelen voor ondernemers

Loonkostenvoordelen

De overheid ziet graag meer ouderen, jongeren en arbeidsgehandicapten aan het werk. Daarom worden werkgevers overgehaald met subsidies voor dit soort personeel. Tot nu toe gebeurt dat vooral met premiekortingen, maar in de praktijk blijkt het te veel werk om hiervan je voordeel te nemen.

Als werkgever moet je bijvoorbeeld zelf uitzoeken of je recht hebt op loonkostenvoordelen en allerlei ingewikkelde calculaties berekenen. De uitkomst moet je daarna zelf verwerken in de loonaangifte. Ook profiteren kleine bedrijven hier niet genoeg van, omdat zij nu eenmaal minder premies betalen.

Per 1 januari 2018 gaan daarom de premiekortingen weg. In plaats daarvan komen de loonkostenvoordelen (LKV’s). Die moeten ouderen en mensen met een arbeidsbeperking aan werk helpen. Voor jongeren komt er een speciaal lage-inkomensvoordeel (zie hieronder). De LKV’s vraag je straks eenvoudig aan via de loonaangifte en zullen aan het begin van het nieuwe kalenderjaar worden uitbetaald.

Lage-inkomensvoordeel voor jongeren (jeugd-LIV)

Deze maatregel zal misschien bekend klinken. Het lage-inkomensvoordeel (LIV) is namelijk niet nieuw. Zo werd dit financiële voordeel voor werkgevers al aangekondigd tijdens een eerdere editie van Prinsjesdag en ingevoerd op 1 januari 2017.

Wat er nu wel nieuw is, is het jeugd-LIV. Dit is een uitbreiding van het LIV naar een nieuwe groep: werknemers van 18 tot en met 21 jaar. Door de verhoging van het minimumjeugdloon worden deze jongeren duurder. Maar via het jeugd-LIV word je als werkgever hiervoor tegemoetgekomen; het jeugd-LIV heet daarom ook wel het minimumjeugdloonvoordeel. Deze maatregel gaat op 1 januari 2018 in.

No-riskpolis voor ouderen tijdelijk uitgebreid

Het no-riskpolis voor ouderen legt de focus op oudere (momenteel) langdurig werklozen. Met deze regeling verklein je een belangrijk risico: dat van loonkosten bij ziekte. Als werknemers uit de doelgroep ziek worden, kun je vanuit deze regeling een Ziektewetuitkering krijgen van het UWV.

De overheid breidt de doelgroep van deze regeling per 1 januari 2018 tijdelijk uit. De regeling wordt dan toegankelijk voor mensen die zijn geboren voor 1 januari 1962 en in 2018 of 2019 vanuit de WW als werknemer gaan werken.

Arbeidsvoorwaarden

Verhoging van het minimumjeugdloon

Het minimumjeugdloon, daar mag van de overheid best een schepje bovenop. Dat is al gebeurd sinds 1 juli 2017, toen het minimumjeugdloon van werknemers tussen de 18 en 21 jaar omhoogging. Ook kregen werknemers vanaf 22 jaar (in plaats van vanaf 23 jaar) recht op het volledige wettelijke minimumloon.

Maar vanaf 1 juli 2019 komt daar nog een schepje bij. Het minimumjeugdloon gaat dan verder omhoog voor werknemers van 18, 19 en 20 jaar. En werknemers krijgen vanaf 21 jaar recht op het volledige wettelijke minimumloon.

 

Welke Risico’s loop ik?

Wil je weten waar in jouw bedrijf aandachtspunten liggen? Een Erkend MKB-adviseur kan je helpen. Hij brengt deze punten binnen je bedrijf in kaart en geeft advies om deze te minimaliseren of af te dekken.

Minimumloon bij een overeenkomst van opdracht

Heeft iemand geen arbeidsovereenkomst? En werkt hij op basis van een overeenkomst van opdracht (OVO)? Dan krijgt diegene vanaf 1 januari 2018 het recht op minimumloon. Daarnaast wordt het minimumloon uitgebreid naar mensen die op basis van een andere overeenkomst werken, zoals bijvoorbeeld een aanneemovereenkomst, uitgeefovereenkomst of vervoersovereenkomst.

Het lijkt om een grote groep te gaan. Volgens de Prinsjesdagstukken gaat het naar verwachting om 431.000 mensen die niet als werknemer en niet als zelfstandig ondernemer werkzaam zijn. De overheid maakt wel een uitzondering. Mensen die door de Belastingdienst als zelfstandige worden beschouwd, vallen namelijk er buiten. Zij krijgen dus geen recht op het minimumloon.

Arbeidsomstandigheden

Programma ter preventie van beroepsziekten

Elk jaar worden duizenden werknemers ziek door of op hun werk. Deze beroepsziekten leiden in veel gevallen ook tot langdurige ziekte. De overheid wil dit nu voorkomen door in 2018 te starten met een vier jaar durend programma ter preventie van beroepsziekten. Dit richt zich in de eerste twee jaar in elk geval op het werken met gevaarlijke stoffen.

Aansprakelijkheid

Vergoeding voor affectieschade bij een ongeval

Een ongeval kan veel leed veroorzaken bij de nabestaanden van een overleden werknemer en naasten van werknemers met ernstig en blijvend letsel. Een vergoeding voor affectieschade moet hen vanaf 2018 erkenning en genoegdoening bieden en helpen bij de verwerking. Deze vergoeding komt te liggen tussen de 12.500 en 20.000 euro, te betalen door de partij die aansprakelijk is voor het ongeval. Daarbij kan het ook gaan om een bedrijfsongeval.

 

Recent Posts